In het Drentse Emmercompascuum organiseerde importeur Agri Bio Solutions eind april een uitgebreide demonstratie met de nieuwe Kelly 1605 kettingeg. De machine trok in combinatie met de AgXeed autonome trekker het nodige bekijks van loonwerkers en akkerbouwers die nieuwsgierig waren naar het werk van de eg.
Waar een traditionele schijveneg werkt met afzonderlijk gelagerde schijven, kiest Kelly Tillage voor een compleet andere benadering. De schijven zijn als het ware als schakels van een ketting met elkaar verbonden. Alleen aan de uiteinden van die ketting bevinden zich lagers. Dat ogenschijnlijk simpele ontwerp heeft volgens Jens Pape, relationshipmanager Europe bij Kelly Tillage grote voordelen als het gaat om onderhoud, slijtage en verstoppingsgevoeligheid.
“Je hebt nu met veel minder draaiende onderdelen te maken. Daardoor is er minder dat kapot kan gaan of vast kan lopen. Je komt veel makkelijker door een lang of zwaar gewas, zonder dat de boel gaat stropen.”
Van Australië naar Europa
De Kelly 1605 is het nieuwste model in de Europese lijn van Kelly Tillage en heeft een werkbreedte van 16 voet, oftewel vijf meter. De machine is specifiek ontwikkeld voor West- Europese omstandigheden en voor gebruik achter trekkers vanaf circa honderd pk. In tegenstelling tot de grotere modellen, die in Australië en de VS tot 20 à 24 meter breedte reiken, is deze uitvoering compacter en daarmee beter afgestemd op Europese omstandigheden.
De Kelly 1605 is opgeklapt 2,50 meter breed, 9 meter lang en 3,45 meter hoog. Het gewicht bedraagt circa 3,5 ton, afhankelijk van de gekozen kettingconfiguratie. De machine is zodanig ontworpen dat kettingen snel kunnen worden gewisseld. In een half uur kan een set volledig worden vervangen.
De productie van de Europese machines vindt plaats bij Maschinenfabrik Stolpen in Duitsland, waar ook de bestaande modellen tot twaalf meter zijn gebouwd. Volgens de fabrikant is de 1605 de eerste stap in een verdere Europese opschaling van het systeem.
Opvallend is de eenvoud in constructie en bediening. De kettingen zijn op spanning gehouden via veren en hydrauliek, terwijl de steunwielen zonder speciaal gereedschap in hoogte verstelbaar zijn. “Het idee is dat je als gebruiker zo min mogelijk hoeft af te stellen”, zegt Pape. “Je stelt de werkdiepte in, zorgt dat de ketting vlak loopt en verder doet de machine zijn werk.”

Ondiep werken, groot effect
Tijdens de demonstratie is gewerkt op een perceel met resten van doodgespoten bladrammenas. De machine werkte op maximaal vijf centimeter diepte. Dat is diep genoeg om planten los te trekken en te beschadigen, en ondiep genoeg om de bodemstructuur niet te verstoren. “Hij schaaft echt over de bovenste laag”, legt Martin Heerema van Agri Bio Solutions uit. “Hij schuift de onkruidplant van het groeipunt af. Het bovendeel verdwijnt, de wortel blijft grotendeels in de grond zitten. Dat is bewust: je wilt organische stof in de bodem houden en niet alles omkeren.” Volgens Heerema is dat precies de filosofie achter de machine: zo min mogelijk verstoring, maar wel effectief ingrijpen in onkruid, gewasresten en groenbemesters. “Het gaat echt om minimale bodembewerking, oftewel slimme bodembewerking.”

Stropen voorkomen bij lang gewas
Een belangrijk voordeel dat tijdens de demo duidelijk naar voren kwam, is het gedrag van de kettingeg in lang gewas. Waar traditionele schijveneggen of cultivatoren regelmatig problemen hebben met verstopping of wikkelen, blijft de Kelly volgens Heerema vrijwel probleemloos doorwerken. Het gewas kan niet ophopen rond lagers.
Duurzaamheid en lage kosten
Naast de mechanische eenvoud speelt ook duurzaamheid een rol in de positionering van de machine. De kettingen kunnen worden gevormd uit verschillende typen schijven. Tijdens de demo zaten voorop kettingen met een relatief scherpe schijf.

Achterop de wat stompere CL1-schijf. De CL1 staat bekend om zijn hoge slijtvastheid en is door de fabrikant gepositioneerd als praktisch onverwoestbaar.

Op de CL1-schijven zit een slijtagegarantie van 20.000 hectare. De lagers kunnen vele jaren mee, maar geadviseerd is, ze eens per twee jaar preventief te vervangen. Intensief dagelijks onderhoud is nauwelijks nodig. Het geringe onderhoud is één van de pijlers onder de relatief lage gebruikerskosten van de eg. “De kostenefficiëntie zit hem in meerdere lagen”, zegt Pape. “Je hebt weinig onderhoud, een laag brandstofverbruik en een lange levensduur van de slijtdelen. Dat maakt het totaalplaatje interessant, zeker voor loonwerkers.”
Tijdens de demo is gereden met een AgXeed autonome tractor van 110 pk. Daarbij werd een werksnelheid van ongeveer negen kilometer per uur gehanteerd bij ongeveer 85 procent motorbelasting. Het brandstofverbruik lag volgens de organisatoren onder de vijf liter diesel per hectare. “Dat zijn cijfers die het verschil maken, zeker als je veel hectares maakt”, zegt Heerema. Dat laatste is volgens hem al snel aan de orde. “Veel loonwerkers realiseren zich vooraf niet hoeveel werk ze wel niet hebben voor een dergelijke kettingeg. Hij is heel breed inzetbaar. Van stoppelbewerking tot inwerken van groenbemesters en van graslandvernieuwing tot voorbewerken voor ecoploegen: de Kelly kan het.”

De machine kan ook worden uitgerust met een zaaisysteem, zowel met zaaiboom als met verdeelkoppen. Daarmee wordt het mogelijk om in één werkgang te bewerken en te zaaien, bijvoorbeeld bij groenbemesters.
Mechanische onkruidbestrijding
Een in het oog springende toepassing van de kettingeg is mechanische onkruidbestrijding, met name bij grasachtige onkruiden zoals duist. Volgens Kelly Tillage kan met de juiste timing tot 98 procent bestrijding worden bereikt.
“Dit draait om een goede timing. Door op de juiste momenten in de ontwikkeling van de plant de eg in te zetten, kun je het onkruid goed onder controle houden. Dit zonder chemische middelen”, benadrukt Jens Pape.
Tekst en beeld: Gerben Hofman




