Op een perceel van maatschap Dames en Heren Vos loopt een praktijkproef naar het effect van verschillende soorten mulch op bladluizen in aardappelen. Het Louis Bolk Instituut onderzoekt samen met de biologische telers of mulch de verspreiding van het Y-virus kan beperken door bladluizen te ontmoedigen zich op het gewas te vestigen. Tijdens een velddag in Kraggenburg begin juli werden de eerste ervaringen uit het veld gedeeld.
Maatschap Dames en Heren Vos teelt al veertig jaar biologisch-dynamisch op 97 hectare, met onder meer wortelen, pompoenen, spinazie, korenbloemen, granen, witlof, uien, luzerne en aardappelen. Op twaalf hectare staat uitsluitend het aardappelras Sevilla. In dat laatste perceel is een proef aangelegd naar de effecten van verschillende soorten mulch op de vestiging van bladluizen.
De proef maakt deel uit van een project dat zich richt op het teelbaar houden van aardappelen. Volgens het Louis Bolk Instituut neemt de druk van onder meer coloradokever, bladluis en phytophthora toe. Stro wordt in de praktijk al vaker toegepast om bladluizen optisch te verwarren. In deze proef onderzoekt Louis Bolk of andere mulchmaterialen een vergelijkbaar effect hebben.
Mulchen tegen luis
Volgens de onderzoekers kan mulch de besmetting met het Y-virus, dat door bladluizen wordt verspreid, met maximaal 50 procent verminderen. De theorie is dat bladluizen door het mulchmateriaal minder goed onderscheid kunnen maken tussen de aardappelplant en de bodem. Dat effect zou het grootst zijn wanneer de mulch vroeg in het seizoen wordt aangebracht, voordat het gewas sluit. “Naast de toepassing van mulch kijken we ook naar de siliciumswerking op luis”, licht Abco De Buck toe, onderzoeker veredeling bij het Louis Bolk Instituut. “Daardoor worden bladeren van de aardappelplant harder en daarmee minder aantrekkelijk voor de luis.”
In vier herhalingen zijn proefvelden van vier bedden breed aangelegd. Daarin worden mulch op basis van stro, een mengsel van rogge en wikke en grasklaver aangebracht. Een vierde plot onderzoekt het effect van plantenversterker silicium. De mulch werd aangebracht toen de aardappelplanten net boven de grond kwamen.
Weinig bladluizen bemoeilijken beoordeling
Tijdens de rondgang door de proef liet De Buck zien dat de aardappelplanten probleemloos door de verschillende mulchlagen heen groeien. Het stro bleek ondanks de droge omstandigheden nog behoorlijk vochtig en was al duidelijk aan het verteren. Het rogge-wikke mengsel was verder afgebroken en doorworteld met fijne aardappelwortels.
“De mulch is aangebracht toen de planten net boven kwamen. De planten groeien er moeiteloos doorheen”, aldus De Buck. “Dit jaar hebben we heel weinig luizen gevonden, ook in andere percelen. Daardoor kunnen we de resultaten van deze proef minder goed meten. Wel zijn er veel natuurlijke luizenbestrijders gevonden.”
Onderzoeker Weerbare gewassen & Biodiversiteit bij het Louis Bolk Instituut, Natalia Naranjo Guevara, wees daarbij op de insecten die in de proef zijn aangetroffen, waaronder gaasvliegen, zweefvliegen, roofwantsen, sluipwespen, lieveheersbeestjes en zogenoemde mummies van geparasiteerde bladluizen. Volgens haar biedt de mulchlaag een leefomgeving voor deze natuurlijke vijanden, die naast bladluizen ook andere prooien eten.
Andere kleur in plotjes
Teler Niek Vos van maatschap Dames en Heren Vos lichtte de uitvoerbaarheid van mulch in aardappelen toe: “In de vroegste fase van het selecteren van de aardappelen hadden de aardappelen moeite met door de mulchlaag heenkomen, hierdoor was het lastiger om te selecteren. Verder is het met schoffelen lastig dat je telkens de balk op moet tillen om het mulchmateriaal niet mee te nemen.” Volgens teler Christiaan Feickens veranderde het uiterlijk van de proefvelden na enkele weken. “Na twee, drie weken gaven de plotjes een andere kleur. Nu zie je dat verschil niet meer. We zijn benieuwd naar de opbrengst.”
De opbrengst en de invloed van de verschillende mulchsoorten op de kwaliteit van de aardappelen worden later in het seizoen beoordeeld.
Minerale olie en witmaker
De Buck, vertelt dat de proef voortbouwt op eerder onderzoek van Delphy, eveneens partner in het project. “Delphy is al langer bezig met het beproeven van pesticidenvrije beheersing van luis en Y-virus. Een optie, ook in de biologische landbouw, is het gebruik van minerale olie. Minerale olie voorkomt dat de luis het Y-virus oppikt van een besmette plant. Dat betekent dat je de besmette planten dus in de olie moet hebben om verspreiding te voorkomen.”
Volgens De Buck laat onderzoek van Delphy ook zien dat stro en een witte coating op de aardappelruggen de vestiging van bladluizen verminderen. “De luis reageert op contrast tussen de kleur van aardappelen en de bodem. Lichte kleuren zoals wit, zilver, grijs en stro zorgen voor optische verwarring, terwijl bodemkleuren tot de hoogste besmettingen leiden. Witmaker is toegestaan in de fruitteelt, maar nog niet in de akkerbouw. Bovendien is er nog geen witmaker ontwikkeld die bestand is tegen regen.”
Dit artikel is onderdeel van een drieluik over mulchen in aardappel en uienteelt. Eerder deelden we al een artikel over het effect van mulchen op de bodemgezondheid en de ontwikkeling van onkruid.
Tekst en beeld: Esmee Groot Roessink




