Met de eerste warme dagen komt de aftrap van het nieuwe seizoen snel dichterbij. Hoe zetten we ook dit jaar de schouders eronder? Tijdens de TPC kennisbijeenkomst in Emmeloord kregen we tips aangereikt voor een succesvolle aardappelteelt in 2026, vanuit de hoek van phytophthora-beheersing en de marktsituatie.
Gaby Stet van The Potato Company (TPC) opent de kennisbijeenkomst, waar aardappeltelers en geïnteresseerden uit de wijde omgeving naartoe zijn gekomen. Ondanks de onzekere marktsituatie, kijkt dit veredelingsbedrijf optimistisch naar het nieuwe teeltseizoen.
“We zijn het afgelopen seizoen qua afzet redelijk goed doorgerold. Het scheelt dat we geen industrierassen hebben”, aldus Stet. “Veel pootgoed ging naar landen als Israël, Palestina en Egypte; in Syrië zijn we zelfs marktleider. Voor de export zie ik komend jaar dan ook voldoende kansen. Hoe de handelssituatie in Nederland zal zijn, is moeilijk te zeggen. De markt zal zich moeten stabiliseren, daar hebben we het mee te doen.”
Tijdens deze avond wordt de focus dan ook gelegd op wat we als telers zelf in de hand hebben: het optimaliseren van teelttechnieken om tot een mooi product te kunnen komen. Gewasbescherming speelt hierin een belangrijke rol. Om de actuele status van de phytophthora-beheersing te bespreken, schoof Ian Hale van Profytodsd aan.
Hoe staat het ervoor met phytophthora in 2026?
Hale toont grafieken van de verschillende phytophthora-stammen in de afgelopen jaren. De bekende EU-43 liet een piek zien in 2023, gevolgd door EU-46. Alterneren en combineren wisten deze phytophthora-stammen in 2024 en 2025 terug te dringen. Dankzij de gunstige weersomstandigheden bleef de ziektedruk laag in 2025.
Ook was preventie de afgelopen jaren essentieel. Denk hierbij aan het afdekken van afvalhopen en het voorkomen van aardappelopslag, zodat sporenvorming wordt beperkt.

Wat kunnen we leren van andere landen?
Opvallend is dat er binnen Europa grote verschillen te zien zijn tussen de phytophthora-stammen. In Groot-Brittannië is er bijvoorbeeld een verscheidenheid aan stammen aanwezig. EU-8, die ruim tien jaar geleden in Nederland voorkwam, behoort daar nog tot de orde van de dag. In Denemarken worden er juist veel nieuwe stammen aangetroffen.
“Dit verschil zit in de verschillende beheersingsstrategieën en resistentiemanagement”, duidt Hale. “In Denemarken zijn de PFAS-middelen aan het wegvallen. Hierdoor zie je dat de infectiedruk torenhoog is en er snel nieuwe phytophthora-stammen bij komen. Hier kunnen we in Nederland van leren, want actieve stoffen met PFAS staan in heel Europa op de zwarte lijst. Middelen met andere actieve stoffen zitten er wel aan te komen, maar zitten vast in een jarenlange toelatingsprocedure. Hierdoor bevinden we ons op dit moment in een uitdagende situatie.”
Spelregels voor het aanpakken van phytophthora in 2026
Voor 2026 luidt opnieuw het advies van alterneren en combineren van werkzame stoffen. “We gaan verder met dezelfde spelregels als in 2025, want dit werkte goed”, laat Hale weten. “Probeer infectie vanaf het begin van het seizoen te voorkomen, om je perceel zo lang mogelijk gezond en vrij van phytophthora te houden.”
Tekst: Kim Sjoers
Beeld: beeldarchief Prosu




