De monitoring van Phytophthora is in het teeltseizoen 2026 uitgebreid naar vijf BioScout-sporenvallen. Vorig jaar waren twee meetpunten actief voor het signaleren van Phytophthora-sporen. Daardoor is de landelijke dekking groter en komt op meer locaties informatie beschikbaar over de aanwezigheid van schimmelsporen in de lucht. De metingen maken deel uit van het project Resistentiemanagement voor beheersing van Phytophthora, waarin onder meer BO Akkerbouw deelneemt.
De vijf sporenvallen staan bij SPNA-proefboerderij Kolummerwaard in Munnekezijl, waar twee meetpunten zijn geplaatst, en daarnaast bij ERF in Lelystad, WUR Open Teelten in Vredepeel en Burgers Aardappelen in Zevenbergschen Hoek. Hierdoor ontstaat een betere landelijke spreiding van de metingen dan in het voorgaande seizoen.
Metingen ondersteunen spuitbeslissingen
Volgens de projectpartners meten de BioScout-sporenvallen hoeveel Phytophthora-sporen zich in de lucht bevinden. De gebruikte algoritmes zijn vorig jaar door BioScout verder ontwikkeld om sporen te herkennen op basis van onder meer vorm, kleur en lengte-breedteverhouding. De apparatuur bepaalt echter niet om welke schimmelsoort of variant het gaat. Ook kan het systeem niet vaststellen of een schimmel resistent is tegen bepaalde fungiciden.
De sporenvallen registreren het aantal sporen dat op de voorgaande dag is aangetroffen. Vervolgens kan deze informatie worden gebruikt bij beslissingen over gewasbescherming. Wanneer geen sporen worden gemeten, kan een preventieve bespuiting mogelijk achterwege blijven. Volgens de projectpartners kan dat bijdragen aan een duurzamer teeltsysteem.
Bron: BO Akkerbouw




